Naar de inhoud
Steven’s StudyHub

HC 10: Drempelkunde en biodiversiteitsverlies

Dit college gaat over drempels en grenzen in het denken over de aarde, en vooral over biodiversiteitsverlies, de "zesde extinctie". Het laat zien hoe wetenschappers door deze onderwerpen in een morele sfeer worden getrokken: feiten en normen gaan samenwerken (Vollmer), en de wetenschapper is geen neutrale waarnemer meer. Tot slot introduceert het het begrip soglitude, de kunst van het leven op de drempel. De stof komt uit het hoofdstuk "Drempelkunde" uit Extinctie van Ten Bos.

De heftige vraag

Het Stockholm Resilience Centre stelt de vraag: wat zijn de niet-onderhandelbare planetaire voorwaarden die de mensheid moet respecteren om verslechterende of zelfs catastrofale milieuveranderingen op continentale en mondiale schaal te voorkomen? De wetenschappers zeggen dat we collapsologisch moeten denken: rekening houden met de mogelijkheid van ineenstorting.

Verandering in wetenschappelijke houding

  • Je kunt niet langer volhouden dat je objectief en neutraal bent.
  • Wetenschappers worden geraakt door hun onderwerp; ze worden "toxische subjecten".
  • Dit lijkt op hoe wetenschappers volgens Latour geraakt worden door matters of concern (college 8).

Niet-onderhandelbaar: wat betekent dat?

  • Iets is zo belangrijk dat je er niet meer over wilt praten. Sommige zaken zijn te belangrijk voor discussie: we moeten in actie komen.
  • Daar zit een zeker optimisme in (het kan nog), dat merkwaardig genoeg gepaard gaat met apocalyptische dreiging. Pessimisme en optimisme vormen een eeuwenoude filosofische discussie.
  • Er zijn ook wetenschappers die zich verzetten: de bioloog Matt Ridley waarschuwt voor een te gemakkelijke consensus, maar wordt weggezet als conservatief.

Drempels en grenzen

DrempelGrens
DefinitieEen niet-lineaire overgang in het functioneren van gekoppelde mens-omgevingssystemen.Een waarde die door mensen wordt bepaald: een controlevariabele die aangeeft of we nog op veilige afstand van een drempel of gevarenzone zitten.
StatusEen feitelijke stand van zaken in de werkelijkheid (die niet altijd duidelijk is).Zit in ons hoofd: een menselijke afspraak (de niet-onderhandelbare waarden).
VoorbeeldHet punt waarop een ijskap onomkeerbaar begint te smelten.Een afgesproken maximum van 350 ppm CO2 of 1,5 graad opwarming.

Onthoud: grenzen zitten in ons hoofd, drempels zijn actuele standen van zaken. Waarden die bij grenzen een rol spelen zijn onder meer biodiversiteit, duurzaamheid, stabiliteit, veerkracht (resilience), integriteit en terughoudendheid.

Earth System Science: het systemische

Uit de definitie van drempels volgt dat mens en omgeving, mens en natuur, niet langer uit elkaar te houden zijn. Daarom spreekt men van Earth System Science. Het uitgangspunt: als aan de ene kant iets verandert, verandert er ook iets aan de andere kant. Mens- en natuurwetenschappen kunnen dus niet langer gescheiden blijven.

Wat is systemisch?

Het systemische aan de Earth System Sciences is het besef dat we leven in een tijd waarin mens en natuur niet gescheiden maar met elkaar verbonden zijn. Systemisch denken gaat over hoe schijnbaar onverenigbare zaken toch aan elkaar gekoppeld zijn. Het betekent dus niet "gestructureerd werken" of "de aarde is uniek systematisch". Dit was een oefenvraag.

Daarbij hoort complexiteit: we weten inmiddels veel, maar nog veel meer niet. Alles draait om waarschijnlijkheden, en politici gebruiken die onzekerheid om de kop in het zand te steken.

Biodiversiteitsverlies en de zesde extinctie

Achtergrondextinctie is het uitsterven van soorten zonder dat de mens een rol speelt. Het tempo daarvan ligt ongeveer tussen 0,1% en 1,0% van de soorten per miljoen jaar voor zeeorganismen, en tussen 0,2% en 1,0% voor zoogdieren. Nu gaat het uitsterven 100, 1.000 of misschien zelfs 10.000 keer zo snel. Men spreekt van de zesde extinctie (naar het boek van Elizabeth Kolbert), na vijf eerdere massale uitstervingsgolven in de geschiedenis van de aarde.

Soort extinctieKenmerken
Functionele extinctieDe soort speelt geen betekenisvolle rol meer in een voedselketen; er is geen levensvatbare populatie meer (wat niet betekent dat er geen enkel exemplaar meer is); of er worden geen waarnemingen meer gedaan (wat ook niet betekent dat er geen exemplaren meer zijn).
Genetische extinctieGenen verdwijnen uit een soort, waardoor de genetische diversiteit en het evolutionaire vermogen van de soort afnemen. Oorzaken zijn onder meer habitatverlies, klimaatverandering en overexploitatie.

De onnatuurlijkheid van de zesde extinctie

  • Omdat de mens de oorzaak is, heeft de zesde extinctie een deontisch effect: ze zadelt mensen op met een morele plicht (deon = plicht, vergelijk deontologie in college 2).
  • Wetenschappers moeten morele overwegingen in hun werk opnemen, want de mens wordt neergezet als destructieve soort.
  • En als het al niet over andere soorten gaat: wat doet die extinctie met onze eigen soort?

Vollmer: feiten en normen werken samen

De Duitse bioloog en filosoof Gerhard Vollmer spreekt over grondnormen die in de wetenschap een rol gaan spelen. Een normatieve aanbeveling ontstaat uit de combinatie van een grondnorm en een feit:

GrondnormFeitNormatieve aanbeveling
Het zou goed zijn ervan uit te gaan dat we de laatste mensen zijn.Er wordt steeds meer stikstof in de natuur gebracht.Pak de landbouw aan.
We hebben de plicht zoveel mogelijk soorten op aarde te laten bestaan (ook omdat dat onze eigen soort ten goede komt).We zitten midden in een massa-extinctie.Maak handel in zeldzame soorten strafbaar, bestrijd bijgeloof over geneeskrachtige dierproducten, geef meer geld uit aan natuurbescherming, of streef naar geboortebeperking.

Volgens Vollmer moet je normen en feiten zien als een vermenigvuldiging: is een van beide nul, dan volgt er geen aanbeveling. Zonder norm zegt een feit niets over wat je moet doen; zonder feit blijft een norm zonder toepassing. Conclusie: wetenschappers worden steeds meer in een morele sfeer getrokken. De vraag blijft wat dat oplevert.

Is-ought: waarom is dit filosofisch interessant?

Sinds David Hume weten filosofen dat je uit een feit (hoe iets is) niet zomaar een norm (hoe iets moet zijn) kunt afleiden. Vollmer erkent dat: je hebt altijd een aparte grondnorm nodig. Maar hij laat zien dat in de klimaat- en biodiversiteitswetenschap feiten en normen zo nauw samenwerken dat de wetenschapper onvermijdelijk normatief wordt.

Soglitude: de kunst van de drempel

Soglitude komt van het Italiaanse soglia (drempel). Het begrip is van de filosofe Tatjana Barazon: de kunst om drempels te ontwaren.

  • Drempels zijn onzekerder dan grenzen: ze houden tegen en nodigen tegelijk uit om verder te gaan.
  • Als niet-plaats of tegenplaats zijn ze oncomfortabel. Door de drempel weten we dat er een andere kant is, maar niet wat daar gebeurt. Ze dwingen ons na te denken over wat eigenlijk ondenkbaar is.
  • Het principe van de verbindende afstand: de drempelzone dwingt ons na te denken over iets waar we misschien niet over willen nadenken. Dat irriteert. Drempelfiguren zijn vaak irritant: bedelaars, wolfskinderen, zwervers, uitstervende dieren.
  • De irritantste gedachte is dat we zelf allemaal drempelgangers zijn geworden. Ook het alarmisme daarover irriteert.
  • De vraag die de wetenschap ons stelt: hoe overleven we de drempelzone, hoe ontwikkelen we soglitude?

Casus: de stikstofcrisis

Een melkveebedrijf naast een Natura 2000-gebied moet volgens de overheid inkrimpen. Met Vollmer: het feit (stikstofdepositie overschrijdt de kritische waarde) leidt pas tot de aanbeveling (minder vee) in combinatie met een grondnorm (we moeten zoveel mogelijk soorten laten bestaan). Wie de norm niet deelt, accepteert de aanbeveling niet, hoe hard de feiten ook zijn. De kritische depositiewaarde is een grens (een menselijke afspraak); het punt waarop een heidelandschap onomkeerbaar vergrast is een drempel. Dat de discussie zo verhit is, past bij de irritatie die drempelzones oproepen. Matt Ridley zou waarschuwen voor een te gemakkelijke consensus; het college zou vragen of niet-onderhandelbare grenzen het gesprek afsluiten.

Voor het tentamen
  • Niet-onderhandelbare planetaire voorwaarden, collapsologisch denken, optimisme naast apocalyptiek, Matt Ridley als tegenstem.
  • Wetenschappers als geraakte, toxische subjecten (vergelijk Latour).
  • Drempel = niet-lineaire overgang in gekoppelde mens-omgevingssystemen (feitelijk); grens = door mensen bepaalde waarde (in ons hoofd).
  • Systemisch in Earth System Science: mens en natuur zijn verbonden, schijnbaar onverenigbare zaken zijn gekoppeld.
  • Achtergrondextinctie, zesde extinctie (100 tot 10.000 keer sneller), functionele en genetische extinctie.
  • Deontisch effect: morele plicht. Vollmer: grondnorm maal feit geeft aanbeveling.
  • Soglitude (Barazon), drempelgangers, verbindende afstand.

Andere hoofdstukken van Bedrijfsethiek

Test jezelf met oefenvragen